Voorwoord Laetare 29/4, november 2013

De redactievergadering begint met een kwestie over taalgebruik. Hoe moet je het toch zeggen: ‘Nieuw Liedboek nummer xyz’? of ‘Lied xyz?’ Maar hoe lang is het liedboek nog ‘nieuw’ en wil je de liederen en gezangen werkelijk als ‘nummers’ bestempelen? En hoeveel van die ‘nummers’ zijn eigenlijk daadwerkelijk liederen? We kwamen uiteindelijk tot de conclusie om maar te spreken van ‘Liedboek xyz’, en om de verdere taalkundige ontwikkeling op de voet te volgen.

Vanaf dit nummer (tja…) beginnen we met twee nieuwe series die te maken hebben met het nu nog nieuwe Liedboek. In de serie Nieuw Lied bespreken we liederen die echt nieuw zijn, d.w.z. die in het liedboek voor het eerst gepubliceerd zijn. En in de serie Liturgica in het Liedboek onderzoeken we het ruim aanwezige liturgische materiaal. Hanna Rijken geeft de aftrap met een uitgebreid overzicht en in de komende uitgaven zullen we dieper ingaan op het gebruik van acclamaties, gezongen gebeden en andere vormen. Dit belooft een verrijkende verkenningstocht te worden.

Over verkenningstochten gesproken. We weten dat velen van u, zodra ons blad op de deurmat ligt, als eerste de Verkenning opslaan. Daarvoor waren Jan D. van Laar en Hans van Kampen op menig vroege zondagochtend op de snelweg te vinden om bijzondere en soms ook gewone diensten te verkennen. Zelfs op vakantie bleven ze aan het werk en deden ze verslag van opvallende en inspirerende vieringen in het buitenland. Met de Verkenning in deze uitgave komt daar een einde aan. Na zeven jaar hebben zij besloten om te stoppen met hun verkenningstochten. Hun berichten waren altijd gekenmerkt door een grote objectiviteit en genegenheid. Nooit oordelend, maar veel liever stimulerend wilden ze de lezer in de gelegenheid stellen om een kijkje te nemen in de liturgische praktijk. Ze namen ons mee langs de grassroots van de liturgie, en zo werd de Verkenning de meest geliefde rubriek in ons blad. We zijn hen ontzettend dankbaar voor hun grote inzet voor ons tijdschrift. Naast auteurs van de Verkenning waren zij ook nog lange jaren hoofdredacteur respectievelijk secretaris van ons blad en engageren ze zich nog steeds in het bestuur van de Stichting Eredienstvaardig. Jan en Hans, dankjewel!

Verder starten we met nog een serie waarin we dieper inzoomen op, zeg maar, liturgisch relevante bouwstenen; we beginnen met het Gregoriaans. En we besteden in dit nummer uitgebreid aandacht aan de beeldende kunst. We berichten van een hoopvol initiatief om kerk en kunstenaars bij elkaar te brengen. En we kregen een unieke inkijk in het spiksplinternieuwe klooster van de Abdij O.L. Vrouw van Koningsoord bij Arnhem door een interview met zuster Hadewych. Het gaat hier vooral over de invloed van architectuur en vormgeving op je leven en je spiritualiteit.

Wij wensen u veel inspiratie,

Ekkehard Muth